Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Taken directie

Onderdeel van Organisatiebesluit gemeente Maassluis 2006

1. De directie is binnen bestuurlijk vastgestelde kaders gezamenlijk primair verantwoordelijk voor de volgende taken:a) aansturing: vaststellen van afdelingsplannen, formuleren van (integrale) opdrachten aan de organisatie in de vorm van te bereiken (strategische) doelen, maatschappelijke effecten en meetbare prestatie-indicatoren;b) kaderstelling: stellen van normen en kaders voor de organisatie ten aanzien van de bedrijfsvoering efficiency, effectiviteit en kwaliteit van producten;c) facilitering: scheppen van voorwaarden waarbinnen de organisatie haar werk kan doen in termen van personeel, organisatie, financien, ICT, huisvesting, overleg en medezeggenschap;d) toezicht: zorgdragen voor voortgangsbewaking, rapportages, verantwoording, evaluatie en bijsturing van plannen in overeenstemming met de planning en control cyclus;monitoring programma's uit de programmabegroting;e) strategieontwikkeling: het opstellen van een strategisch werkplan; het ondersteunen van de strategieontwikkeling van het college;f) planning: vaststellen, (doen) uitvoeren en monitoren van het strategische werkplan van de directie.g) de directie kan taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden ondermandateren, in overeenstemming met de Ondermandaatregeling. 2. De directie kan besluiten tot het instellen van tijdelijke organisatorische verbanden tussen afdelingen ter voorbereiding of ter uitvoering van beleid dat meerdere afdelingen aangaat. 3. De directie voert minimaal viermaal per jaar afstemmend overleg met het college. In dit overleg wordt ten minste aan de orde gesteld:a) de realisering van politieke doelstellingen en de strategische beleidsvorming;b) de (kwaliteit van de) dienstverlening van de ambtelijke organisatie aan het college;c) de afstemming tussen (besluiten van) het college en (de gevolgen daarvan voor de) ambtelijke organisatie;d) ontwikkelingen die gevolgen kunnen hebben voor bestuursorganen en ambtelijke organisatie;e) de voortgang van de projecten.De directie voert minimaal viermaal per jaar overleg met het de directeur van Dukdalf Bedrijven. 4. De directie streeft in haar besluitvorming zoveel mogelijk unanimiteit na. Bij het ontbreken van overeenstemming neemt de gemeentesecretaris het besluit. 5. De directieleden beoordelen de afdelingshoofden en dragen zorg voor het periodiek houden van functionerings- en popgesprekken en beoordelingsgesprekken.

Rechtspraak bij dit artikel