Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5

Intrekken van de omzettingsvergunning

Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Emmen

Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning intrekken, indien: de ter verkrijging van de vergunning verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend zouden zijn geweest; de aan de vergunning verbonden voorwaarden of voorschriften niet worden nagekomen; niet meer wordt voldaan aan het gestelde in artikel 2.4, derde en vierde lid; de verplichtingen als bedoeld in artikel 2.7 en artikel 2.8, na schriftelijke waarschuwing, niet worden nagekomen; redelijkerwijs moet worden aangenomen dat het in stand laten van de vergunning zal leiden tot een verstoring van de openbare orde, veiligheid of gezondheid dan wel tot een verstoring van het geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van het kamerverhuurpand waarop de vergunning betrekking heeft. De vergunning kan eerst worden ingetrokken, nadat burgemeester en wethouders, met toepassing van artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht, vergunninghouder hiervan schriftelijk op de hoogte hebben gebracht en hem in de gelegenheid hebben gesteld hierop te reageren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel