Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2.2

Groenvoorzieningen

Onderdeel van Nota kostenverhaal Gemeente Kampen

De gemeente Kampen is voornemens om groenvoorzieningen in de gemeente aan te leggen. Hierbij wordt gedacht aan ecologische zones, parken, plantsoenen, verblijfsrecreatie en speelplaatsen. Ten aanzien van de ecologische zones is het uitgangspunt van de gemeente een aaneengesloten netwerk zonder onderbrekingen, met lijnen van ruime omvang en met verbindingen met het buitengebied. Genoemde voorzieningen vallen onder artikel 6.2.5 Bro en zijn als zodanig verhaalbaar. Algemene groennorm De gemeente hanteert voor de beoordeling of een nieuwe woonwijk binnen het plangebied voldoende groenvoorzieningen bevat een maatstaf van 75 m2 per woning[3], tenzij de aard van het plan een groter groenoppervlak per woning vereist. Wanneer niet aan deze maatstaf voldaan kan worden en het plan desondanks ten aanzien van de overige aspecten door de gemeente als aanvaardbaar wordt beoordeeld, dient het ontbrekend oppervlak aan groenvoorzieningen in omliggend gebied gecompenseerd te worden. Dit kan in mindering worden gebracht op het oppervlak van een aangrenzende bovenwijkse groenvoorziening, welke voor dat deel vervolgens niet meer als bovenwijks kan worden aangemerkt. [3] Groenstructuurplan, stad Kampen 2000. In zijn algemeenheid geldt voor groenvoorzieningen het volgende: Profijt: een deel of het geheel van de ontwikkeling heeft profijt van de voorziening omdat de inwoners van de wijk hiervan gebruik kunnen maken. Hiervan is sprake binnen een afstandscirkel van 300 meter om de groenvoorziening[4] met uitzondering van (delen van) wijken die binnen de genoemde afstandscirkel zijn gelegen, maar door een redelijkerwijs niet te passeren barrière afgescheiden zijn van de betreffende voorziening. Toerekenbaarheid: de voorziening wordt mede aangelegd ten behoeve van de nieuwe ontwikkeling of de wijziging van de bestaande functie. Proportionaliteit: Als alleen de locatieontwikkeling zich binnen genoemde afstandscirkel bevindt, dan wordt de voorziening voor 100% toegerekend aan de locatieontwikkeling. Bevinden zich meerdere locatieontwikkelingen en/of bestaande wijken zich binnen deze afstandscirkel, dan draagt elke locatieontwikkeling en bestaande wijk bij naar rato van het aantal binnen de afstandscirkel gelegen woningen per wijk. Rekenvoorbeeld Aanleg van een groenvoorziening totale investering € 500.000. Wijk A Wijk B Totaal aantal woningen per wijk 300 400 Aantal woningen binnen de afstandscirkel 250 100 Proportionaliteit 71% 29% Bijdrage per wijk 71% * € 500.000 = € 355.000 29% * € 500.000 = € 145.000 Per voorziening wordt in de jaarlijks vast te stellen notitie “Toerekening Bovenwijkse Voorzieningen” aangegeven op welke wijze voldaan wordt aan de criteria profijt, toerekenbaarheid en proportionaliteit. [4] De bereikbaarheid van voorzieningen is van belang voor het gebruik van de voorziening. De afstandsmaat van groen naar de woning bedraagt 500 meter (Alterra 2004). Barrières zoals grootschalige infrastructuur zijn daarin meegenomen. Om groen bereikbaar te houden voor ouderen en kleine kinderen wordt een afstandsmaat van 300 meter gehanteerd (Grahn 2002). De afstandscirkel van 300 meter is gehanteerd omdat dit de afstand hemelsbreed is. De werkelijke afstand die wandelend dan wel fietsend wordt afgelegd is groter. De werkelijk afgelegde afstand tot aan de groenvoorziening zal zich bevinden tussen de 300 en 500 meter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel