Er wordt in de praktijk niet expliciet een onderscheid gemaakt tussen kort en lang verzuim. Daarentegen moet de gemeente Geertruidenberg vanuit landelijke en lokale gemeentelijke regelingen, rekening houden met een aantal zaken waarbij de volgende richtlijnen worden aangehouden. Nadat de verzuimmelding op de eerste dag is doorgegeven aan de Arbo Unie, dient door de werkgever binnen 14 dagen na de verzuimmelding aan de Arbo Unie nadere informatie te worden verstrekt over de achtergronden en de prognose van het verzuim. Tevens dient te worden aangegeven of er sprake is van dreigend langdurig ziekteverzuim (langer dan 6 weken). Indien na de mening van de werkgever of Arbo Unie sprake is van dreigend langdurig verzuim, wordt de betrokken medewerker zo spoedig mogelijk opgeroepen voor een eerste uitgebreid reïntegratiegesprek. In ieder geval wordt er na 5 werkdagen telefonisch contact opgenomen door de verzuimcoördinator van de Arbo Unie met de zieke medewerker. Het afdelingshoofd neemt iedere 14 dagen contact op met de medewerker en maakt hiervan een kort verslag voor Personeelszaken.Uiterlijk de 6 week stelt de Arbo Unie de probleemanalyse en het reïntegratieadvies op, bespreekt dit met de werknemer en stelt het aan de werkgever beschikbaar. De werkgever ïs verplicht om binnen twee weken, dus uiterlijk week 8, na de uitbrenging van het advies van de Arbo Unie, in afstemming met de medewerker, een plan van aanpak op te stellen.Vanuit de lokale regeling “Regeling gemeentelijke representatie bij jubilea, afscheid en andere privé-gebeurtenissen van medewerkers in dienst van de gemeente Geertruidenberg 2001” wordt er door na drie weken een fruitmand of een bloemetje gebracht naar de medewerker. Indien de medewerker opgenomen is in het ziekenhuis, ontvangt de ambtenaar binnen één week een fruitmand of een bloemetje.
Door de hierboven beschreven verplichtingen, kan enigszins een onderscheid gemaakt worden tussen kort en lang verzuim. Daaruit kan alleen afgeleid worden dat de activiteiten bij een kort verzuim — mits geen ziekenhuisopname is geweest - beperkt zullen blijven.In de notitie ‘Arbeidsongeschiktheidsbegeleiding 1996’ is ook een onderdeel opgenomen over de begeleiding bij kortdurende arbeidsongeschiktheid. Deze vorm van begeleiding zal in de toekomst blijven gelden. Dit betekent dat, tenzij ‘in de kortdurende arbeidsongeschiktheid een bepaalde trend of cyclus te constateren is (zeer frequent verzuim bij één medewerker of afdeling, relatie arbeidsongeschiktheid/werksituatie e. CL, veelvuldig bezoek aan arts etc.) de begeleiding van de medewerker zich in principe beperkt tot eenmaal telefonisch of persoonlijk contact vanuit het afdelingshoofd naar de medewerker. Anderszins wordt nadere actie ondernomen in overleg met de personeelsconsulent’.De begeleiding bij langdurig verzuim wordt neergelegd in het plan van aanpak, dat binnen 8 weken moet zijn opgesteld. Het plan van aanpak beschrijft wat er allemaal ondernomen moet worden om de medewerker weer in het arbeidsproces op te nemen. Dit kunnen verschillende methoden, middelen of maatregelen zijn.