Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 4

– De hoogte van de langdurigheidstoeslag

Onderdeel van Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2012

1.. De langdurigheidstoeslag bedraagt per jaar (situatie per 1 januari 2011): voor gehuwden: € 514,00; voor alleenstaande ouders: € 461,00; voor alleenstaanden: € 360,00. 2.. Voor de vaststelling van de hoogte van de langdurigheidstoeslag voor een belanghebbende is de leefsituatie op de peildatum bepalend. 3.. Indien één van de gezinsleden op de peildatum is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag op grond van het bepaalde in de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de wet, waardoor slechts één van de gezinsleden recht heeft op langdurigheidstoeslag, komt dit gezinslid in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 4.. Als één van de gehuwden niet in aanmerking komt voor langdurigheidstoeslag, omdat hij niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 36 van de wet of de bepalingen in deze verordening, vervalt het recht op langdurigheidstoeslag voor beide gehuwden. 5.. De bedragen die in artikel 4.1 van deze verordening worden genoemd, worden elk jaar per 1 januari aangepast met een percentage dat overeenkomst met de indexering van alimentaties. De Minister van Justitie stelt dat percentage jaarlijks vast.

Rechtspraak bij dit artikel