In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft
verleend voor het hebben van een voorwerp of de voorwerpen
onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor
de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij een
kalenderjaaroverschrijdende geldigheidsduur van de
vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het
kalenderjaar.
In andere gevallen dan de in het eerste lid bedoelde
gevallen, is het belastingtijdvak de in het kalenderjaar
gelegen aaneengesloten periode gedurende welke het
belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.
Artikel 7
Heffingstijdvak
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2012