In dit artikel wordt verstaan onder:
Wet: de Wet op de kansspelen;
speelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30,
onder a, van de Wet;
kansspelautomaat: automaat als bedoeld in artikel
30, onder c, van de Wet;
hoogdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in
artikel 30, onder d, van de
Wet;
e.laagdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 30,
onder e, van de
Wet.
2.In hoogdrempelige inrichtingen zijn 2 speelautomaten toegestaan,
waarvan maximaal
twee kansspelautomaten.
3.In laagdrempelige inrichtingen zijn 2 speelautomaten toegestaan,
met dien verstande
dat kansspelautomaten in het geheel niet zijn toegestaan.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 10.
Artikel 2:50
Speelautomaten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2011 versie 2