1.Het college kan buiten een inrichting in de zin van de Wet
milieubeheer plaatsen
aanwijzen waar het ter voorkoming of opheffing van overlast of
schade aan de
openbare gezondheid verboden is daarbij aangeduide dieren:
31
aanwezig te hebben, of
aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door
hen gestelde regels,
of
aanwezig te hebben tot een groter aantal dan in die
aanwijzing is aangegeven.
Het is verboden op een krachtens het eerste lid
aangewezen plaats daarbij aangeduide
dieren aanwezig te hebben, dan wel aanwezig te hebben anders dan met
inachtneming
van de door het college gestelde regels, dan wel aanwezig te hebben
in een groter
aantal dan door het college is aangegeven.
3.Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen
binnen een
krachtens het eerste lid aangewezen gedeelte van de gemeente
ontheffing verlenen van
het in het tweede lid gestelde verbod.
HOOFDSTUK 2 › AFDELING 11.
Artikel 2:70
Houden van hinderlijke of schadelijke dieren
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2011 versie 2