Wanneer het uitsluitend recht tot het doen begraven in een familiegraf
is geëindigd of vervallen, anders dan als gevolg van sluiting van de
begraafplaats, blijft het daarop aanwezige gedenkteken gedurende drie
maanden op dat graf ter beschikking van de laatste rechthebbende of
diens erfgenamen, die, zo mogelijk, daaromtrent door burgemeester en
wethouders worden ingelicht.
Wanneer de termijn tot het hebben van een vergunning voor een
gedenkteken op een algemeen graf, eventueel na verlenging, is
verstreken, blijft het daarop aanwezige gedenkteken gedurende
drie maanden op dat graf ter beschikking van de vergunninghouder
of diens erfgenamen, die, zo mogelijk, daaromtrent door
burgemeester en wethouders worden ingelicht.
Na afloop van de in het 1e en 2e lid genoemde termijnen,
vervallen de gedenktekens aan de gemeente, zonder dat deze tot
enige vergoeding verplicht is.
Hoofdstuk
Artikel 31
Artikel 31
Onderdeel van Verordening op het gebruik en beheer van de algemene begraafplaats