1. Iedere schipper is vanaf het moment, waarop hij met zijn vaartuig een haven of water
binnenvaart of aan een kade aanlegt, verplicht de aanwijzigingen van de havenmeester,
ter handhaving van de openbare orde of ter voorkoming van brand, aanvaring, hinder of
schade gegeven, op te volgen.
2. De schipper is verplicht zodanige voorzorgen te nemen, dat met zijn vaartuig geen
brand, aanvaring, hinder of schade wordt veroorzaakt of de veiligheid van personen of
goederen of de vrijheid of veiligheid van het verkeer te water wordt belemmerd of in
gevaar gebracht.