Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7.

Ultimum remedium

Onderdeel van Beleidsregels wet BIBOB

Dat toepassing van de wet BIBOB slechts mogelijk is, indien alle het bestuursorgaan beschikbare mogelijkheden zijn benut, is opgenomen in het eerste lid van artikel 7 van de beleidsregels. Ingevolge het tweede lid van artikel 7 bestaan er twee aanleidingen die in een concreet geval kunnen leiden tot een verzoek om advies aan het bureau BIBOB: Na de BIBOB-toets zijn er nog vragen over: de bedrijfsstructuur: het is onduidelijk welke activiteiten de ondernemer gaat ontplooien. De aanvrager kan niet aangeven wat voor soort zaak hij gaat exploiteren en wat voor publiek hij gaat bedienen; de financiering van het bedrijf; de omstandigheden in de persoon van de aanvrager, de financierder van de onderneming of de eigenaar van het pand waarin de onderneming is gevestigd en/of de inventaris van de inrichting; (andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat er sprake is van een ernstig gevaar dat de vergunning zal worden gebruikt voor het plegen van stafbare feiten, of het gebruiken van voordelen uit strafbare feiten; (andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel gegeven vergunning een strafbaar feit is gepleegd. De officier van Justitie geeft aan in het wenselijk te vinden om in het kader van een aanvraag, dan wel een bestaande beschikking of opdracht, een advies aan bureau BIBOB te vragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel