De in artikel 13 onder b, c en d genoemde voorzieningen kunnen bestaan uit:

  • - een tegemoetkoming in de verhuis- en herinrichtingskosten;
  • - een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening;
  • - een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening;
  • - een tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting;
  • - een tegemoetkoming in de kosten van huurderving;
  • - een uitraasruimte.