Voor de vertegenwoordiging van het gemeentebestuur in de commissie, bedoeld in artikel 12:1, wijst het college uit zijn midden een of meer vertegenwoordigers en hun plaatsvervangers aan. De aanwijzing geschiedt bij elke nieuwe zittingsperiode van de raad en voorts telkens ter vervanging van hen die ophouden lid van het college te zijn.
Om voor vertegenwoordiging in de commissie in aanmerking te komen moet een organisatie ten minste 10 leden tellen die ambtenaar zijn in de zin van deze regeling.
Een organisatie die 10 of meer doch minder dan 20 leden telt, als bedoeld in lid 2, heeft het recht één vertegenwoordiger, een organisatie die 20 of meer doch minder dan 30 leden telt, als bedoeld in lid 2, heeft het recht twee vertegenwoordigers, en een organisatie die 30 of meer leden telt, als bedoeld in lid 2, heeft het recht drie vertegenwoordigers in de commissie aan te wijzen.