Voor derden bestaat de mogelijkheid om evenementen en andere gebeurtenissen van strikt tijdelijke aard, aan te kondigen door middel van affichering op borden langs de openbare weg, in de praktijk beter bekend als driehoeksborden. Ter voorkoming van hinder voor de omgeving, alsmede uit een oogpunt van verkeersveiligheid (met name de voorkoming van onaanvaardbare zichtbelemmering) en welstand, is terzake een zeer strikte regulering wenselijk. De basis daarvoor wordt gelegd in artikel 2.1.5.1 (<<voorwerpen of stoffen op, boven of langs de weg>>) van de Algemene plaatselijke verordening. In het kader van deze regulering worden driehoeks- of sandwichborden (hierna aangeduid als <<driehoeksborden>>) enkel toegestaan rondom lichtmasten op vooraf door de gemeente zorgvuldig geselecteerde locaties, waarbij gewaakt dient te worden tegen een overdaad. Door zo'n limitering wordt een ongecontroleerde uitbreiding voorkomen die kan leiden tot een ongewenst "bordenwoud". Het aantal locaties waarop driehoeksborden zijn toegestaan, wordt vooralsnog beperkt tot maximaal 100.
Verder worden thans hogere eisen dan voorheen gesteld aan het borden-materiaal. Tot dusverre - d.w.z. tot het van kracht worden van deze aangepaste beleidsregels in juli 2001 - werd van gemeentewege toegestaan dat voor het tonen van de evenement-aankondigingen gebruik werd gemaakt van tijdelijk langs de rijbaan geplaatste driehoeksborden met een ijzeren frame, rustend op dito pootjes. Dit traditionele materiaal steekt in esthetisch opzicht evenwel schril af tegen de overige buitenreclame-objecten, zoals de onlangs vernieuwde billboards, alsmede de nieuwe abri's (bushokjes) en infozuilen (stadsplattegronden). Het wordt thans dan ook als een onaanvaardbare en onnodige ontsiering van de openbare ruimte gezien. Het materiaal dat voortaan wel als acceptabel wordt beschouwd, dient qua uitstraling juist zoveel mogelijk aan te sluiten bij de recentelijk opgewaardeerde andere buitenreclame-objecten. Het dient van luxe kunststof te zijn vervaardigd, in een door de gemeente goed te keuren kleur en verder te voldoen aan door de gemeente nader te formuleren eisen. Aanvragen om vergunning voor het plaatsen van borden voor evenement-aankondiging, waarbij het de bedoeling is om gebruik te maken van ander materiaal dan het hier bedoelde, komen om redenen van welstand dan ook niet langer voor verlening in aanmerking. Voorts dienen de driehoeksborden bevestigd te worden aan de betreffende lichtmasten, teneinde optisch een "vrij boven de grond zwevend effect" te krijgen. Dit oogt beduidend sierlijker dan de tot dusverre traditionele borden die op metalen pootjes op de grond worden geplaatst. Bovendien blijkt deze vorm van bebording vandalisme-bestendiger te zijn. Dit impliceert in de praktijk dat niet langer met tijdelijk geplaatste borden gewerkt zal worden. Uit een oogpunt van kostenbeheersing ligt het voor de hand dat een bedrijfsmatig opererend exploitant zal kiezen voor "vaste borden" (d.w.z borden die duurzaam aan de lichtmasten bevestigd zijn), in plaats van "losse borden", die buiten de periodes dat ze zijn verhuurd, telkens van de locatie worden verwijderd. De vereiste goedkeuring van de gemeente voor de (wijze van) bevestiging aan de lichtmast is overigens mede afhankelijk van het fiat van het elektriciteitsbedrijf dat de lichtmasten beheert.
Voor een regulering als hier bedoeld leent zich bij uitstek een contractuele aanpak. Meer in elk geval dan een uitsluitend publiekrechtelijke, zowel om beheers- alsook om financiële redenen.
Deze aanpak biedt namelijk de volgende belangrijke voordelen: * Administratieve ontlasting van het gemeentelijk apparaat. In de praktijk is gebleken dat een regulering via uitsluitend vergunningverlening een arbeidsintensieve aangelegenheid is, zulks vanwege de periodieke en zeer frequente verlening van de "losse" vergunningen. Immers, de betreffende medewerker moet een planningsschema bijhouden en voor elke reeks borden een afzonderlijke vergunning afgeven. Vervolgens moeten al deze afzonderlijke vergunningen in een financieel-administratief systeem worden verwerkt.
* Handhaving: knelpunt van verkeerd geplaatste driehoeksborden. In het verleden, d.w.z. onder het uitsluitend publiekrechtelijke regulerings-regime (toen iedereen die een tijdelijke vergunning daartoe verkreeg op aangewezen locaties driehoeksborden mocht plaatsen) bereikten de gemeente vaak klachten omtrent het niet op tijd weghalen of het op de verkeerde locaties zetten van deze borden. Hierdoor werden andere vergunninghouders vaak belemmerd in de uitvoering van hun vergunning. Dan kwam het frequent voor dat borden daar terecht kwamen waar deze niet hoorden, d.w.z. rondom lichtmasten die door de gemeente helemaal niet voor dat doel waren aangewezen. Met een concessie-systeem en de autorisatie aan één exploitant, zeker indien deze met vaste (d.w.z permanente, geen tijdelijke) borden werkt, is dit handhavings-knelpunt vrijwel zeker uit de aard der zaak opgelost.
* Optimalisering van de voor de gemeente bestemde financiële vergoeding. Indien het systeem van een meerjarige en exclusieve concessie uitgaat, mag van de kandidaten een aanzienlijk hogere vergoeding worden verwacht, dan het geval zou zijn geweest indien zo'n meerjarige exclusiviteit niet zou worden aangeboden. De exploitant kan zo'n betere aanbieding doen, omdat hij er van uit mag gaan dat de bedragen die hij moet investeren vanwege de aanschaf van verbeterd materiaal, ook werkelijk terugverdiend kunnen worden.
Om de driehoeksborden ook feitelijk te mogen bevestigen aan de in eigendom aan de gemeente toebehorende lichtmasten, behoeft een exploitant van driehoeksborden naast een Apv-vergunning nog een privaatrechtelijke toestemming van de gemeente. Het is de opzet zo'n toestemming enkel te verlenen aan degene met wie de gemeente een contract sluit voor het aanbrengen en exploiteren van driehoeksborden. Daarbij is het uitgangspunt dat de aan zo'n exploitant aan te bieden concessie een exclusief karakter krijgt; met geen andere exploitant wordt gedurende de looptijd van het contract een overeenkomst gesloten.
De exploitant die in aanmerking komt voor het verkrijgen van de door de gemeente te verlenen concessie, wordt geselecteerd op aantrekkelijkheid voor de gemeente op basis van een door deze uit te brengen offerte. In hoeverre een offerte voor de gemeente aantrekkelijk is hangt af van de hoogte van de aangeboden vergoeding en verder van de kwaliteit van het te gebruiken materiaal en de bereidheid akkoord te gaan met door de gemeente essentieel geachte uitgangspunten. Tot het uitbrengen van zo'n offerte worden tenminste vijf kandidaten uitgenodigd. Hiertoe behoren in ieder geval de exploitanten (drie in getal) die de afgelopen drie jaren frequent een "driehoeksbord-vergunning" hebben verkregen, aangevuld met andere kandidaten uit de betreffende branche. De looptijd van het contract dient te worden beperkt tot maximaal vijf jaren. Hierdoor is de gemeente in de gelegenheid om flexibel in te spelen op gewijzigde omstandigheden of het beleid aan te passen aan veranderde inzichten.
Verkiezingspropaganda
Op het voorgaande kan voor het maken van verkiezingspropaganda een uitzondering worden gemaakt. Deze uitzondering geldt met nadruk alleen tijdens de verkiezingstijd (de periode voorafgaand aan verkiezingen voor het bestuur van een vertegenwoordigend lichaam, waarvoor de inwoners van Kerkrade kiesgerechtigd zijn) en niet voor het maken van politieke propaganda daarbuiten. Voor het maken van verkiezingspropaganda worden additionele locaties beschikbaar gesteld, en is het toegestaan om op basis van een Apv-vergunning met alternatief materiaal publicaties te plaatsen langs de weg. Deze uitzondering is verantwoord omdat het hier slechts gaat om incidentele en zeer tijdelijke gelegenheden, tijdens welke het reguliere borden-aanbod verreweg ontoereikend is. Voor het verkrijgen en gebruik van deze vergunning is leges - respektievelijk precario verschuldigd.
Handhaving.
Bij een nieuw beleid ter opwaardering van de openbare ruimte hoort ook dat de in samenhang hiermee gegeven regels consequent worden gehandhaafd. Borden of andere objecten ter aankondiging van losse evenementen welke zonder vergunning of in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften op, langs of boven de openbare weg zijn geplaatst, kunnen door de gemeente dan ook niet worden getolereerd. Voor zover de identiteit van de plaatser kan worden achterhaald, zal deze de aanzegging ontvangen deze borden terstond (d.w.z. binnen één werkdag na ontvangst van de aanzegging) te verwijderen, waarbij hij wordt gewaarschuwd dat verwijdering op zijn kosten plaats zal hebben indien hij zulks nalaat. Deze aanzegging wordt gegeven in de vorm van een formele waarschuwing voor de toepassing van bestuursdwang. Illegaal geplaatste borden die op de openbare weg worden aangetroffen zonder dat de identiteit van de plaatser kan worden achterhaald, worden zonder schriftelijke aanzegging onverwijld door of namens de gemeente verwijderd. Het van de straat verwijderde bordenmateriaal wordt gedurende veertien dagen op het terrein van de gemeentewerken aan de Hammolenweg ter beschikking gehouden van de rechthebbende, die het aldaar in ontvangst kan nemen tegen betaling van de kosten van opslag en verwijdering. Tegen een gewaarschuwde overtreder die vervolgens nalaat de illegaal geplaatste borden te verwijderen, wordt in beginsel steeds proces-verbaal opgemaakt.
Financiële vergoedingen.
Van de concessiehoudende exploitant wordt een bepaalde jaarvergoeding verwacht. Behalve deze contractuele jaarvergoeding is exploitant geen andere vergoeding aan de gemeente verschuldigd. Dit impliceert dat het opleggen van een precario-aanslag of het in rekening brengen van leges niet langer van toepassing zal zijn. De exploitant op zijn beurt mag zijn cliënten (degenen die opdracht geven tot aankondiging van een evenement) een bedrag in rekening brengen, per bord/per dag. De maximale hoogte van de tarieven die de exploitant jegens zijn cliënten hanteert, wordt vastgesteld door de gemeente. Het van gemeentewege beheersen van deze tarieven is van belang, om te voorkomen dat een exploitant de verleiding niet zou kunnen weerstaan om misbruik te maken van zijn monopolie-positie. Daarbij geldt voor een drietal adverteerders die tot dusverre houder waren van een jaarvergunning - bij wijze van overgangsregeling - een speciaal tarief, dat enigszins aangepast is aan het niveau van de leges- en precario-kosten die dezen tot dusverre verschuldigd waren.
Resumé
Samenvattend geldt voor het aankondigen van evenementen middels borden langs de openbare weg - behoudens het maken van verkiezingspropaganda - het volgende:
Aan de in artikel 2.1.5.1 Apv vereiste vergunning worden strenge voorschriften verbonden in het belang van de verkeersveiligheid en bruikbaarheid van de weg, alsmede van welstand en het voorkomen c.q. beperken van hinder voor de omgeving. Borden worden enkel toegestaan op door de gemeente goedgekeurde locaties, terwijl het materiaal aan concretere welstandseisen dan voorheen dient te voldoen. Voorts mogen de borden enkel worden bevestigd aan lichtmasten en daarmee dus niet rechtstreeks op straat of trottoir worden geplaatst. Voor deze bevestiging is privaatrechtelijke toestemming nodig van de eigenaar van de lichtmasten: de gemeente. Deze toestemming ten slotte, zal in de praktijk enkel worden verleend in het kader van een exclusiviteit waarborgende vijf-jarige concessie aan de daartoe geselecteerde exploitant. Met een vergunning alleen en dus zonder deze toestemming (lees: zonder contract met de gemeente) kan nooit worden volstaan, vanwege het standaardvoorschrift in deze vergunning dat driehoeksborden enkel bevestigd mogen worden aan lichtmasten (die eigendom zijn van de gemeente). Tegen illegaal geplaatste borden zal zeer consequent worden opgetreden, zonodig met toepassing van bestuursdwang op kosten van de overtreder, in combinatie met het opmaken van proces-verbaal.
De exploitant van driehoeksbord-reclame is de gemeente een contractueel vast te stellen jaarvergoeding verschuldigd. De tarieven waarop hij vervolgens de aan zijn klanten in rekening te brengen vergoedingen baseert, worden door de gemeente gemaximeerd.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4.2
Borden voor het aankondigen van evenementen
Onderdeel van Beleidsnota inzake het bijzonder gebruik van openbare ruimte