Op grond van artikel 4, tweede lid, van de verordening worden de volgende inzamelmiddelen en
inzamelvoorzieningen aangewezen:
- - Standaard wordt per huishouden één minicontainer voor het restafval en één minicontainer voor het GFT-afval beschikbaar gesteld. Dit kan oplopen tot maximaal twee gft minicontainers (240 liter) per huishouden en maximaal twee restafval minicontainers (240 liter) per huishouden.
- - voor glas wijkcontainers;
- - voor kunststofverpakkingsmateriaal wijkcontainers;
- - voor textiel wijkcontainers;
- - voor papier wijkcontainers.