Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Visie

Onderdeel van Beleidsregel evenementenvergunningen

1.1. Inleiding Binnen de grenzen van de gemeente Hof van Twente vinden jaarlijks veel verschillende evenementen plaats: culturele festivals, lente-fairs, trekkertreks, buurtfeesten en de verschillende dorps-, zomer- school en schuttersfeesten. Omdat alle kernen van oudsher een rijke geschiedenis op het gebied van evenementen hadden, zijn er in de Hof inmiddels vele traditionele evenementen. Daarnaast worden er met regelmaat nieuwe evenementen georganiseerd. 1.2. Visie op evenementen Evenementen kunnen een positieve uitstraling hebben op de gemeente en het toerisme in onze gemeente stimuleren, daarnaast bieden evenementen een groot plezier voor onze burgers. Het is daarom aan de ene kant wenselijk dat bepaalde evenementen gestimuleerd worden. Aan de andere kant zijn er ook evenementen waarmee een bepaalde mate van overlast gepaard gaat. In principe is het uitgangspunt dat een bepaalde mate van overlast hoort binnen de hedendaagse maatschappij en inherent is aan het houden van evenementen, mits deze overlast niet onaanvaardbaar is. Als de hoeveelheid evenementen op een bepaalde plek toeneemt, zou de druk op de omgeving onaanvaardbaar kunnen worden. In dit kader streeft de gemeente naar een breed gedragen en gebalanceerd evenementenbeleid. Hof van Twente streeft naar een beleid waarbij enerzijds rekening wordt gehouden met de belangen van openbare orde, veiligheid en milieubelangen en anderzijds met de belangen van de vrijwilligers die tijd en energie stoppen in de organisatie. Ook streeft Hof van Twente naar een beleid waarbij de huidige bestaande evenementen allen gewaardeerd zijn en blijven en waarbij de gemeente zich tevens wil richten tot het aantrekken van evenementen met een meerwaarde voor de gemeente en haar burgers. 1.3. Doelstellingen van het beleid Beleid omtrent evenementenvergunningverlening is bij uitstek een instrument om het aantal en het soort evenementen binnen de gemeente te reguleren. Uitgangspunt hierbij is dat het beleid het juiste en volledige kader vormt waar binnen weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden over aanvragen voor verschillende evenementen. Een integrale benadering van evenementen is essentieel om samenhang en afstemming te bewerkstelligen tussen de verschillende afdelingen die zich bezig houden met de vergunningverlening en handhaving van evenementen, te meer nu de vergunningverlening verspreid is over drie afdelingen (Publiekszaken, Vergunningen en Handhaving en Algemene Zaken) en er adviezen benodigd van de afdeling Openbare Werken en de Brandweer. De volgende doelstellingen worden, naast de hoofddoelstelling van het bieden van een kader, nagestreefd in het beleid: Het bevorderen van de veiligheid van en bij evenementen; Het voorkomen of beperken van overlast; Het bevorderen van de kwaliteit van evenementen; Het versterken van het imago van de gemeente door bepaalde evenementen te stimuleren; Integrale en eenduidige afhandeling van aanvragen. 1.4. Relevante wetgeving 1.4.1 Apv In artikel 2.2.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening (verder: APV) is bepaald dat onder het begrip “evenement” wordt verstaan: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak. Hierop wordt in ditzelfde artikel een aantal uitzonderingen gemaakt; bioscoopvoorstellingen, kansspelen, dansen in een horecagelegenheid, betogingen, samenkomsten en vergaderingen en speelgelegenheden zijn geen evenement. Daarnaast wordt in dit artikel een aantal evenementen expliciet genoemd: een herdenkingsplechtigheid; een braderie; een optocht op de weg en een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg worden wel als evenementen gezien. In artikel 2.2.2 APV is bepaald dat het verboden is zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. Een vergunning kan geweigerd worden in het belang van: de openbare orde; de openbare veiligheid; de volksgezondheid; de bescherming van het milieu. In artikel 5.4.1 APV is bepaald dat het verboden is om een crosswedstrijd te houden op terreinen die geen weg zijn, tenzij het terrein is aangewezen door het college. In dit artikel is opgenomen dat het college regels kan stellen voor het gebruik van het terrein, in het belang van het voorkomen of beperken van overlast, bescherming van het uiterlijk aanzien of ter bescherming van andere milieuwaarden of in het kader van de veiligheid. Wanneer er een milieuvergunning vereist is, geldt deze aanwijzingsverplichting niet. 1.4.2 Drank- en horecawet Organisaties die niet in het bezit zijn van een Drank- en horecavergunning, dienen om alcoholische drank te mogen verstrekken in het bezit te zijn van een tijdelijke ontheffing op grond van artikel 35 van de Drank- en Horecawet. Deze ontheffing geldt alleen voor het schenken van zwak-alcoholische drank en kan worden verleend in het kader van een bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard voor maximaal 12 dagen aaneengesloten. Voorwaarde om voor een ontheffing in aanmerking te komen is dat de verstrekking van de drank geschiedt onder leiding van een persoon die het diploma sociale hygiëne heeft, niet onder curatele staat, ouder dan 21 jaar is en niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. 1.4.3 Wegenverkeerswet Gelet op de bepalingen in de Wegenverkeerswet, het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990, is het mogelijk om (gedeelten van) wegen, straten en/ of pleinen, die in het beheer en eigendom van de gemeente staan tijdelijk af te sluiten ten behoeve van een evenement. 1.4.4 Bouwverordening en brandbeveiligingsverordening Ten aanzien van gebouwen zijn de bepalingen rondom brandveiligheid, die zijn opgenomen in artikel 6.1.1 e.v. van de Bouwverordening, relevant. Voor inrichtingen die niet onder de Bouwverordening vallen zijn de bepalingen in artikel 2.2.1 e.v. van de Brandbeveiligingsverordening relevant. In beide verordeningen is bepaald dat wanneer er 50 personen of meer tegelijk aanwezig zullen zijn, er een (tijdelijke) gebruiksvergunning vereist is. Deze vergunningen worden door de brandweer verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel