1. Definitie:
Onder scholing wordt verstaan, elke activiteit in het kader van een gestructureerde leersituatie die is gericht op het ontwikkelen of vergroten van kennis en/of vaardigheden van de belanghebbende, die noodzakelijk is om diens arbeidsinschakeling mogelijk te maken of de reeds verkregen arbeid te behouden, eventueel in combinatie met andere voorzieningen.
2. Doel:
Het bijbrengen van kennis, vaardigheden of een startkwalificatie die de arbeidsinschakeling van belanghebbende mogelijk maakt of waardoor deze kan worden behouden.
3. Doelgroep:
Scholing wordt ingezet voor de belanghebbende bij wie het college heeft vastgesteld dat dit noodzakelijk is omdat arbeidsinschakeling (mede) vanwege ontbrekende kennis en/of vaardigheden niet direct mogelijk is, of indien dit naar het oordeel van het college nood-zakelijk is voor het behoud van arbeid.
4. Nadere voorwaarden en duur van de voorziening:
scholing kan alleen worden ingezet indien dit noodzakelijk is om arbeidsinschakeling mogelijk te maken of te behouden, of het college daartoe op grond van de wet gehouden is;
de duur van de scholing is gelijk aan de duur dat de noodzakelijk geachte kennis, vaardigheden of startkwalificatie verkregen kan worden;
scholing is ook toe te passen in combinatie met andere voorzieningen indien daartoe de noodzaak aanwezig is.
5. Gronden voor beëindiging:
Het gestelde in artikel 3, derde of vierde lid, van de Verzamelverordening Wwb is onverkort van toepassing.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3:4
– Scholing
Onderdeel van Beleidsregels re-integratie Wwb, IOAW en IOAZ van de Gemeente Dongen 2012