Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6.6

Artikel 6.6

Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012

Bepalingen ten aanzien van de verstrekking Het vrij besteedbaar bedrag als bedoeld in artikel 6.1 van dit Besluit is, voor zover dit gebruikt wordt voor het CVV, bestemd voor de meerkosten van het CVV ten opzichte van het toepasselijke regulier strippentarief. Met betrekking tot een verstrekking in natura wordt een bruikleenovereenkomst gesloten. De beschikking tot toekenning van een voorziening, als genoemd in artikel 6.1 van de Verordening, kan voor een bepaalde tijd worden gegeven. De vergoeding in de kosten van vervoer, als genoemd in dit Besluit onder artikel 6.1 en artikel 6.3, eerste lid, wordt gesteld op 50% van het maximumbedrag voor deze voorziening indien er tevens een verplaatsingsmiddel als genoemd in artikel 6.3, tweede lid, sub c, of artikel 6.2, sub a, b of d, of een financiële tegemoetkoming in de kosten hiervoor, wordt of is toegekend. Voor zover echtgenoten beiden geen gebruik kunnen maken van het reguliere openbaar vervoer en tenminste één van hen geen gebruik kan maken van het CVV, wordt aan elk van hen 50% van het maximumbedrag voor een voorziening in de kosten van vervoer, als genoemd in dit Besluit onder artikel 6.3, eerste lid, toegekend als het vervoerspatroon samenvalt en 75% indien dit niet of niet geheel het geval is. 6.Voor zover echtgenoten beiden geen gebruik kunnen maken van het reguliere openbaar vervoer maar wel van het CVV, wordt aan elk van hen toegekend: 100% van het in artikel 6.1 genoemde aantal zones voor het gebruik van het CVV; b. 50% van het in artikel 6.1 genoemde vrij besteedbare bedrag. Voor zover echtgenoten beiden geen gebruik kunnen maken van het reguliere openbaar vervoer maar wel van het CVV en tenminste één van hen ervoor kiest om af te zien van aanspraak op de in artikel 6.1 genoemde voorzieningen, wordt aan ieder van hen 50% toegekend van de in artikel 6.1 genoemde vergoeding. Als één van de echtgenoten geen gebruik kan maken van het regulier openbaar vervoer, dan wordt deze voor de toepassing van artikel 6.1 en artikel 6.3, eerste lid, aangemerkt als alleenstaande.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel