De in artikel 1 genoemde uren worden vermeerderd met:
7,2 uur bij een leeftijd van 30 jaar;
14,4 uur bij een leeftijd van 40 jaar;
21,6 uur bij een leeftijd van 45 jaar;
28,8 uur bij een leeftijd van 50 jaar;
36 uur bij een leeftijd van 55 jaar;
43,2 uur bij een leeftijd van 60 jaar.