Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 25

Afbouwtoelage

Onderdeel van Bezoldigingsverordening gemeente Aa en Hunze

Aan de ambtenaar wiens bezoldiging als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage, als bedoeld in artikelen 20, 21 en 22, een blijvende verlaging ondergaat, wordt door burgemeester en wethouders een aflopende toelage toegekend, indien: die blijvende verlaging ten minste 3% bedraagt van de som van het salaris en de toelage, als bedoeld in artikel 15, en de ambtenaar de toelage - als bedoeld in artikelen 20, 21 en 22 - direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende ten minste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt aan de ambtenaar van 55 jaar of ouder wiens bezoldiging als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage - als bedoeld in artikelen 20, 21 en 22 - een blijvende verlaging ondergaat, een blijvende toelage toegekend, indien de ambtenaar de toelage - als bedoeld in artikelen 20, 21 en 22 - direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan gedurende ten minste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. De in het eerste lid bedoelde aflopende toelage gaat, wanneer de ambtenaar de leeftijd van 55 jaar bereikt en hij onmiddellijk voor de aanvang van die toelage gedurende tenminste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking een toelage - als bedoeld in artikelen 20, 21 en 22 - heeft genoten, over in een blijvende toelage als bedoeld in het vorige lid. Voor de toepassing van de voorgaande leden wordt onder wezenlijke onderbreking verstaan een onderbreking van langer dan twee maanden. Onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid vindt de afbouw plaats over een periode van vier jaar en kent daarbij het volgende verloop: - het eerste jaar ontvangt de ambtenaar 100% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; in het tweede, derde en vierde jaar respectievelijk 75, 50 en 25 %. De aflopende toelage gaat in met ingang van de maand volgende op die waarin de toelage voor het laatst volledig wordt toegekend. De in dit artikel genoemde aflopende/blijvende toelage wordt verminderd met het bedrag waarmee de bezoldiging van de ambtenaar stijgt, als gevolg van een vrijwillige sollicitatie naar en benoeming/inpassing in een functie met een hoger schaalniveau.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel