Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 16

Ruimtelijke ontwikkeling

Onderdeel van Erfgoedverordening Oosterhout 2012

In het belang van de archeologische monumentenzorg kunnen aan de vergunning, als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voorwaarden gesteld worden juncto artikel 39 lid 3 van de Monumentenwet 1988. In het belang van de archeologische monumentenzorg kunnen aan een vergunning met toepassing van artikel 2.1 en artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voorwaarden gesteld worden als bedoeld in artikel 41 van de Monumentenwet 1988. In geval van een aanvraag om een vergunning dient het college advies te vragen aan een deskundige op het gebied van de gemeentelijke archeologische monumentenzorg.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel