**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
WWB: Wet werk en bijstand;
Bbz: Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004;
IOAW: Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
IOAZ: Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
college: het college van burgemeester en wethouders;
uitkering:
- de van toepassing zijnde norm inclusief eventuele gemeentelijke toeslag of verlaging ingevolge de WWB;
- de bijzondere bijstand voor levensonderhoud aan jongeren ingevolge de WWB;
- de van toepassing zijnde grondslag ingevolge de IOAW en IOAZ;
belanghebbende: degene die een uitkering krachtens de in artikel 1 genoemde wetten heeft aangevraagd of aan wie een uitkering is toegekend;
maatregel: een tijdelijke verlaging van de uitkering, te weten:
- de verlaging van de bijstand op grond van artikel 18, tweede lid van de WWB;
- de verlaging van de uitkering als bedoeld in artikel 20, tweede lid van de IOAW en artikel 20, eerste lid van de IOAZ;
- de weigering van de uitkering als bedoeld in artikel 20, eerste lid van de IOAW en artikel 20, tweede lid van de IOAZ;
recidive: herhaling van een gedraging, uit dezelfde dan wel lagere categorie-indeling, binnen een jaar na het nemen van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd;
benadelingsbedrag: het brutobedrag aan kosten van uitkering of aan de langdurigheidstoeslag dat als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verstrekt.;
wetten: de WWB, IOAW, IOAZ en het Bbz.
**2..** Voor zover niet anders is bepaald, worden begrippen in deze verordening gebruikt in dezelfde betekenis als in de desbetreffende wet.