In afwijking van beleidsregel nummer 4 en 5 besluit het college tot gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de teruggevorderde bijstand indien:
- - redelijkerwijs te voorzien is dat de belanghebbende niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden, en
- - redelijkerwijs te voorzien is dat een schuldregeling met betrekking tot alle vorderingen, behoudens de in beleidsregel 8 onder b. bedoelde vorderingen van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen, en
- - de vordering van de gemeente wegens teruggevorderde bijstand ten minste zal worden voldaan naar evenredigheid met de vorderingen van de schuldeisers van gelijke rang.