Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1:2

Het opleggen van een maatregel

Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, Bbz 2004, IOAW, IOAZ 2011 Samenwerkingsverband Ridderkerk en Albrandswaard

1.. Als de belanghebbende, naar het oordeel van het college tekortschietend besef van verantwoordelijkheid heeft betoond voor de voorziening in het bestaan dan wel de uit de WWB, het Bbz 2004, de IOAW of de IOAZ voortvloeiende verplichtingen niet of onvoldoende nakomt, waaronder begrepen het zich jegens het college zeer ernstig misdragen, wordt overeenkomstig deze verordening een maatregel toegepast; 2.. Een maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert; 3.. De maatregel kan niet meer bedragen dan de uitkering waarop de belanghebbende recht zou hebben gehad gedurende de periode waarop de verlaging betrekking heeft indien er geen grond voor verlaging zou zijn geweest;

Rechtspraak bij dit artikel