In deze verordening wordt mede verstaan onder:
Eigenaar:
degene die op het tijdstip van voltooiïng van de voorzieningen eigenaar is;
degene die het recht van erfpacht heeft;
degene aan wie door een rechtspersoon een deelnemings- of lidmaatschapsrecht is verstrekt dat recht geeft op het gebruik van een woning;
de houder van het recht van opstal als bedoeld in artikel 5:101 BW;
de houder van een appartementsrecht als bedoeld in artikel 5:106 BW;
Eigendom:
opstal, erfpacht, appartementsrecht of door een rechtspersoon verleend eigendoms- of lidmaatschapsrecht dat recht geeft op het gebruik van een woning.
Paragraaf 1
Artikel 2
Definitie eigenaar en eigendom
Onderdeel van Deventer Restauratiefondsverordening 1999