De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
wordt in beginsel in één keer voldaan.
Op aanvraag van de inburgeringsplichtige kan in maximaal 10
termijnen worden betaald.
Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
inburgeringsvoorziening het tijdstip en indien daarvoor een
aanvraag is ingediend, de termijnen van betaling vast. Indien
het college de eigen bijdrage verrekent met de algemene
bijstand, wordt dat in de beschikking vastgelegd.