1.. Het college draagt bij de uitoefening van de financieringsfunctie zorg voor de vaststelling van een treasurystatuur door de raad, waarin is opgenomen:

  • - het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te kunnen voeren;
  • - het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s;
  • - het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en het bereiken van een voldoende rendement op de uitzettingen;
  • - het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.