Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I

Artikel 14

Inspreekrecht

Onderdeel van Reglement op de raadscommissies

1.. Tijdens de commissievergadering kan door een ieder worden ingesproken over punten die voorkomen op de agenda, met uitzondering van de opening, vaststellen agenda en vergaderorde, verslag vorige vergadering, rondvraag, ingekomen stukken en mededelingen, informatie van het college en van de burgemeester, informatie van het college en van de burgemeester over verbonden partijen en de sluiting. 2.. Het inspreken vindt plaats direct voorafgaand aan de behandeling van het voor inspraak aangegeven agendapunt. 3.. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken moet dit voor 17.00 uurvoorafgaand aan de dag van de vergadering melden aan de griffier. 4.. De spreektijd is maximaal 5 minuten per spreker. De voorzitter kan bepalen dat deze termijn kan worden ingekort indien naar zijn oordeel, het inspreken een onevenredig deel van de beschikbare tijd in beslag zal kunnen nemen; 5.. Insprekers nemen zoveel mogelijk plaats aan de vergadertafel danwel maken gebruik van het spreekgestoelte, volgens aanwijzingen van de voorzitter. 6.. Sprekers richten het woord tot de voorzitter; hierna worden de raadsleden in de gelegenheid worden gesteld vragen ter verduidelijking te stellen aan de spreker. 7.. De agendacommissie kan besluiten geen spreekrecht toe te staan bij agendapunten waarbij de agendacommissie van oordeel is dat in de voorbereidingsprocedure van een agendapunt al voldoende ruimte is geweest voor inspraak of de status van het agendapunt zich hiertoe niet leent.

Rechtspraak bij dit artikel