Eerste lid
Als het gaat om het wonen in een geschikte woning hebben we het over de woonvoorzieningen, zowel bouwkundig als niet-bouwkundig. Uitgangspunt is daarbij dat men zelf al beschikt of zal beschikken over een woning. Het is niet zo dat een gemeente voor een woning moet zorgen: dat is een eigen verantwoordelijkheid van de aanvrager. De gemeente kan wel ondersteunen of bemiddelen bij het zoeken naar een (geschikte) woning.
Daarbij is uitgangspunt dat iedereen altijd zoekt naar een voor hem op dat moment meest geschikte beschikbare woning, uiteraard passend bij het bestedingspatroon.
Als iemand al een woning heeft, dan zal de compensatieplicht inhouden dat eventuele problemen met het normale gebruik van de woning opgelost worden. Daarbij kan veelal gekozen worden uit meerdere oplossingsrichtingen.
Ook nu gaat het bij het bepalen van de reikwijdte van de compensatieplicht weer om aanpassingen aan de woningen tot het niveau van sociale woningbouw. De ruimten die voor aanpassing in aanmerking komen zijn dan ook weer de woonkamer, slaapvertrekken, keuken en sanitaire ruimten, balkon of berging. Er kan altijd gemotiveerd afgeweken worden naar boven of beneden, maar omvangrijke woningen en zeer grote ruimten zullen niet als uitgangspunt voor compensatie gelden.
Tweede lid
Als het gaat om een voor belanghebbende geschikte woning kan het gaan om verschillende oplossingsrichtingen. Het kan passend zijn de woning aan te passen, maar ook kan het zijn dat er een andere woning beschikbaar is die geschikt is, of een woning die gemakkelijker geschikt te maken is.
In die situatie zal een afweging moeten worden gemaakt tussen de diverse mogelijkheden. Uitgangspunt daarbij zijn de behoeften van de aanvrager. Maar aan de andere kant is er ook de noodzaak tot een doelmatige besteding van gemeenschapsgelden, waardoor zo veel mogelijk aanvragers gecompenseerd kunnen worden met de beschikbare middelen. Door het opstellen van beleidsregels kan het college richting geven aan deze belangenafweging.
Ten aanzien van de vraag tot welk bedrag aanpassing van de woning wenselijk is of dat er een alternatief in de vorm van een herplaatsbare woonunit als compensatie wordt aangeboden, spelen afwegingen over afschrijving en hergebruik van de voorziening een belangrijke rol. Het streven is om aanpassingen die bestaan uit een aanbouw alleen dan te realiseren als vastgelegd kan worden dat deze aanpassing tijdens de gehele looptijd beschikbaar kan blijven voor een gehandicapte. Dit zal in zijn algemeenheid alleen te realiseren zijn bij huurwoningen van sociaal verhuurders. In andere situaties zal gekozen worden voor het plaatsen van een losse woonunit.
Derde lid
Verhuizing naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning kan een snelle(re) oplossing bieden dan het aanpassen van een woning. Om te voorkomen dat deze afweging gemaakt dient te worden voor iedere aanpassing, heeft Zaltbommel in zijn verordening vastgelegd, dat de optie van verhuizen, beoordeeld wordt zodra de benodigde aanpassing van de huidige woning hoger ligt dan € 5.000, - .
Daarnaast kan het zo zijn dat er sprake is van een woning die niet tot nauwelijks aan te passen is. Dat betekent dat er naar alternatieven gekeken zal moeten worden. Daarbij zal rekening gehouden worden met de behoeften van de aanvrager. En ook zal beoordeeld worden hoe die behoeften zich verhouden tot de belangen (vooral financiële) van de gemeente. Duidelijk is dat het resultaat moet kunnen dienen als adequate oplossing voor de door belanghebbende ervaren beperkingen in het gebruik van de woning.
Vierde lid
Als er voorliggende voorzieningen of alternatieve voorzieningen zijn die goedkoper zijn, zal eerst beoordeeld worden of het hanteren hiervan leidt tot maatwerk, zodat via deze voorzieningen het resultaat bereikt zou kunnen worden.
HOOFDSTUK 8
Artikel 12
Wonen in een geschikt huis
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Zaltbommel 2012