In de verordening wordt niet het begrip 'woonkosten' gehanteerd, maar 'kosten van huur of
hypotheeklasten'. Daarmee wordt duidelijk, dat het hebben van kosten voor water, gas, licht en
dergelijke, voor belanghebbende niet afdoende is om een verlaging krachtens dit artikel te voorkomen.
Dit verdraagt zich ook met de invulling die de Centrale Raad van Beroep heeft gegeven aan de
invulling van het begrip woonkosten in de zin van artikel 35 lid 1 Abw. (Zie CRvB 06-11-2001, nrs.
99/7 en 99/29 NABW en CRvB 06-05-2003, nr. 00/4951 NABW.)
In veel gemeenten bedraagt de verlaging 20% bij het ontbreken van woonkosten. Wij vinden het
redelijker een verlaging ter hoogte van de ondergrens (normhuur) die wordt gehanteerd in de Wet op
de huurtoeslag toe te passen bij het ontbreken van huur of hypotheeklasten. Immers belanghebbende
met een inkomen op bijstandsniveau hoeft nooit meer huur te betalen dat dit bedrag.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Verordening Toeslagen en Verlagingen Wet werk en bijstand gemeente Lingewaard 2012