De toeslag als bedoeld in artikel 30, eerste lid, van de WIJ en artikel
25, lid 1, van de WWB bedraagtrespectievelijk:
20% van de WIJ-gehuwdennorm of 20% van de WWB-gehuwdennorm voor
iemand in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft;
10% van de WIJ-gehuwdennorm of 10% van de WWB-gehuwdennorm voor
iemand die met één of meerdere anderen zijn hoofdverblijf in
dezelfde woning heeft.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 5.
Toeslag van alleenstaande van 23 jaar of ouder maar jonger dan 65 jaar
Onderdeel van Toeslagenverordening