Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.2.2

Direct instrument

Onderdeel van Beleidsnota artikel 13b Opiumwet

In tegenstelling tot artikel 174a Gemeentewet (Wet Victoria) is het doel van artikel 13b Opiumwet niet het bestrijden van overlast als gevolg van handel in drugs. De President van de rechtbank Venlo overweegt in deze als volgt: “Weliswaar blijkt uit de parlementaire toelichting dat met de uitbreiding van de Opiumwet met het onderhavige artikel 13b tevens is beoogd de met de handel in drugs gepaard gaande overlast tegen te gaan, doch men heeft primair willen bereiken dat met de invoering van dit artikel - en dat blijkt zowel uit de parlementaire behandeling als uit de redactie van het artikel – dat de burgemeester een direct instrument voorhanden heeft in de vorm van het toepassen van bestuursdwang om de verkoop, de aflevering of de verstrekking dan wel de aanwezigheid van middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet in en vanuit voor het publiek toegankelijke lokalen en daarbij behorende erven een halt toe te roepen. Die bevoegdheid ontstaat zodra de verkoop, aflevering, verstrekking of de aanwezigheid zich voordoet.” Deze uitspraak is in vrijwel exacte bewoording gevolgd door de President van de rechtbank Zutphen die er overigens nog aan toevoegt: “Daarmee is gegeven dat ook andere aspecten, zoals bijvoorbeeld het belang van de bescherming van de volksgezondheid, mogen worden betrokken bij de afweging die vooraf gaat aan de toepassing van bestuursdwang.” Concreet houdt het bovenstaande in dat de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang door de burgemeester ontstaat zodra er sprake is van verkoop, aflevering, verstrekking of de aanwezigheid van soft- en/of harddrugs in een woning, lokaal of een daarbij behorend erf. Overlast is dus geen voorwaarde voor het ontstaan van de bevoegdheid tot het toepassen van bestuursdwang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel