Voor zover er geen sprake is van een voorliggende voorziening dienen voor de verlening van bijzondere bijstand het kosten te betreffen die bijzonder noodzakelijk zijn en waarin niet op andere wijze wordt voorzien. Voor de kosten van scholing of opleiding geldt dat de Wtos of WSF 2000 of de aftrek studiekosten via de aangifte inkomstenbelasting een passende en toereikende voorliggende voorzie-ning is.
(http://www.belastingdienst.nl/particulier/aangifte2009/aftrekposten/aftrekposten-16.html)
Indien het gaat om scholing van belanghebbende welke door de gemeente niet wordt gezien als zijnde noodzakelijk voor de arbeidsre-integratie van belanghebbende, dan zijn de kosten van deze scholing reeds om die reden als niet noodzakelijk te beschouwen.
Uit het voorgaande moet geconcludeerd worden dat, voor zover het de kosten van noodzakelijke scho-ling betreft, op andere wijze kan worden voorzien in deze kosten. De verlening van bijzondere bijstand voor deze kosten kan dus achterwege blijven.
Indien er sprake is van reiskosten in verband met een noodzakelijke alfabetiseringscursus las voorberei-ding op een verplichte inburgeringcursus kan aanspraak worden gemaakt op een vergoeding van reiskosten (zie 8.5).
Beleidsregel: Scholing en opleiding.
Voor de kosten van noodzakelijk geachte scholing wordt in beginsel geen bijzondere bijstand verleend. Indien nodig kunnen re-integratiemiddelen inzetten ter dekking van deze kosten.
Hoofdstuk 10
Artikel 10.3
Scholing en opleiding
Onderdeel van Handreiking Bijzondere bijstand en Voorzieningen voor minima 2012 Gemeente Neder-Betuwe