Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 12

Artikel 12.5

Indirecte schoolkosten voortgezet onderwijs

Onderdeel van Handreiking Bijzondere bijstand en Voorzieningen voor minima 2012 Gemeente Neder-Betuwe

Ouders met minderjarige kinderen zijn aan te merken als een specifieke groep. Als kinderen naar het voortgezet onderwijs gaan krijgt deze groep te maken met een cumulatie van allerlei kosten die direct of indirect met de schoolverplichtingen van de kinderen te maken hebben. Die kosten zijn te verdelen in 2 categorieën: Directe kosten: hieronder vallen kosten zoals lesgeld, schoolfonds, ouderbijdrage, kosten van schoolboe-ken of vergoeding boekenfonds, sportkleding, werkweek, rekenmachine, schoolatlas, woordenboek en diverse kleine kosten zoals voor aanschaf van een passer, driehoek, pennen, potloden, gummen en lini-aal, enz. Indirecte kosten: hieronder vallen de kosten van een schooltas, huur schoolkluisje, schoolreisjes, excur-sies en/ of vakantiekampen, sportactiviteiten, fiets. Voor scholieren jonger dan 18 jaar in voortgezet onderwijs kan een beroep worden gedaan op een tege-moetkoming op grond van hoofdstuk 3 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS). De WTOS is weliswaar een voorliggende voorziening, maar deze voorziet enkel in vergoeding van directe studiekosten met een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten, waarin tevens een forfaitair bedrag voor de reiskosten is begrepen. Diverse onderzoeken hebben uitgewezen dat de werkelijke schoolkosten de WTOS bijdrage overschrijden. Daardoor bestaat er geen ruimte meer voor dekking van de indirecte schoolkosten. Indirecte schoolkosten moeten gemaakt worden om het kind op goede wijze en volledig deel te laten nemen aan het voortgezet onderwijs. Het succesvol volgen en afronden van voortgezet onderwijs is de basis van een toekomst in welke zelfstandig in de bestaanskosten voorzien kan worden. Het is mogelijk om het verstrekken van een bijdrage in de daadwerkelijk gemaakte en aangetoonde indirecte schoolkosten op te nemen in het bijzondere bijstandsbeleid. Dat wil zeggen met toepassing van het maatwerkprincipe. We hebben er voor gekozen om een vast bedrag per kind per schooljaar te vergoeden. Beleidsregel: Indirecte schoolkosten voortgezet onderwijs. 1. Indirecte schoolkosten van gezinnen met kinderen jonger dan 18 jaar die een vorm van volledig voortgezet onderwijs volgen na de basisschool aanmerken als bijzondere kosten welke niet uit de WTOS en de algemene middelen tot 110% van de bijstandsnorm voldaan kunnen worden. 2. Voor deze kosten een bedrag van maximaal € 150 per kind per (school-)jaar vergoeden. 3. De draagkrachtregels welke in deze nota zijn voorgesteld toepassen op deze regeling.

Rechtspraak bij dit artikel