Van aanvragers die beschikken over hogere tegoeden op betaal- en/of spaarrekeningen (bank/giro) dan de in artikel 34 lid 3 WWB opgenomen bedragen mag in alle redelijkheid verwacht worden dat zij hun beschikbare vermogen aanwenden voor bestrijding van bijzondere kosten.
Beleidsregel: Tegoeden op de betaalrekening en vermogen op spaarrekening(en)
1. Het vermogen op lopende en of spaarrekening(en) dat het saldo van de in artikel 34 lid 3 WWB ge-noemde bedragen overschrijdt volledig in aanmerking nemen bij de draagkrachtberekening.
Uitzondering:
2. Deze vermogensvrijlating beperken bij eigen woningbezit. Zie paragraaf 3.4.3.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.4.2
Tegoeden op de betaalrekening en vermogen op spaarrekening(en).
Onderdeel van Handreiking Bijzondere bijstand en Voorzieningen voor minima 2012 Gemeente Neder-Betuwe