1. Dit hoofdstuk is niet van toepassing op:
a. bouwstoffen die binnen een gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c. van de
Woningwet worden toegepast;
b. bouwstoffen die vallen onder een douaneregeling en bestemd zijn voor douanevervoer,
plaatsing in douane-entrepot of voor tijdelijke invoer als bedoeld in artikel 4, onderdeel 16 van
verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 oktober
1992, tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PbEG L 302).
2. Het tijdelijk verplaatsen of uit een werk wegnemen van bouwstoffen is toegestaan
zonder inachtneming van de artikelen 28 tot en met 32, indien deze vervolgens, zonder te zijn
bewerkt, op of nabij dezelfde plaats en onder dezelfde condities opnieuw in dat werk worden
aangebracht.