1. Bij regeling van Onze Ministers kunnen aan de toepassing van grond of baggerspecie,
bedoeld in artikel 63, eerste en vijfde lid, nadere regels worden gesteld ter bescherming van de
kwaliteit van de omliggende bodem en het grond- of oppervlaktewater.
2. Bij regeling van Onze Ministers kunnen regels worden gesteld met betrekking tot
beheersmaatregelen met het oog op de instandhouding van de toepassing, bedoeld in artikel 63,
eerste en vijfde lid.