Welstand is een onderdeel van het gemeentelijk ruimtelijk
kwaliteitsbeleid. Weliswaar een belangrijk onderdeel omdat het een
wettelijke basis heeft, maar het kan niet de andere inspanningen op
dat gebied vervangen. Voldoen aan redelijke eisen van welstand wil
immers zeggen dat een zeker minimum aan zorg en zorgvuldigheid aan
de visuele kwaliteit bij de totstandkoming van een bouwwerk is
besteed. Niet meer, maar ook niet minder.Juiste plannen voor een
goede ruimtelijke ordening zoals structuurplannen,
bestemmingsplannen en beeldkwaliteitsplannen blijven dus
onverminderd noodzakelijk.
De criteria worden weliswaar in belangrijke mate ontleend aan de
stedenbouwkundige, cultuurhistorische en landschappelijke context
maar zijn zelf bouwkundig en situatief van aard; het gaat om het
bouwwerk en de plaatsing ervan. Daarbij mag de welstandstoets niet
in het vaarwater van het bestemmingsplan te recht komen. Het
bestemmingsplan regelt, voor zover nodig voor een goede ruimtelijke
ordening, de functie, de plaatsing en de afmetingen van bouwwerken.
Welstandscriteria mogen de absoluut geboden ruimte in het
bestemmingsplan niet wezenlijk beperken. Als het bestemmingsplan
alternatieve mogelijkheden biedt, bijvoorbeeld in de plaatsing van
een bouwwerk of een zekere afwisseling in de goothoogte, dan kan een
negatief welstandsadvies worden gegeven als de gekozen
stedenbouwkundige of architectonische oplossing afbreuk doet aan de
ruimtelijke beleving. Uiteraard op basis van de
welstandscriteria.
In de welstandsnota kan worden verwezen naar welstandscriteria die
zijn opgenomen in andere documenten zoals beeldkwaliteitsplannen.
Die moeten dan uiteraard wel voldoen aan dezelfde eisen:
vaststelling in de vorm van beleidsregels door de gemeenteraad,
inspraak conform de gemeentelijke inspraakverordening enzovoort.
Verwerking van die criteria in de losbladige welstandsnota zelf
verdient de voorkeur.