Het welstandsadvies op een bouwaanvraag dient tot stand te komen in
een openbare vergadering van de welstandscommissie en dient, zeker
in het geval van een negatief advies, deugdelijk te worden
gemotiveerd. Het bevoegd gezag kan, mits met redenen omkleed,
afwijken van dat advies. Dat kan zijn omdat het van oordeel is dat
de welstandscommissie de van toepassing zijnde criteria niet juist
heeft geïnterpreteerd of toegepast. Het bevoegd gezag heeft volgens
artikel 12, lid 1 sub d van de Wabo de mogelijkheid om bij ook bij
strijd met redelijke eisen van welstand toch de vergunning te
verlenen, indien zij meent dat daarvoor andere redenen zijn,
bijvoorbeeld van economische of maatschappelijke aard.