Het landschap heeft verschillende ontwikkelingen meegemaakt. Het
land is ontgonnen en er zijn steeds meer kernen ontstaan die zich
vervolgens uitbreidden. Ook de infrastructuur wordt in de loop der
jaren steeds beeldbepalender.
Omstreeks 1850
In 1850 waren er kleine nederzettingen die door middel van
doorgaande wegen en paden met elkaar verbonden waren.
Omstreeks 1930
Het beeld is wat geïntensiveerd ten opzichte van 1850: de kernen en
het stelsel van (hoofd-)wegen zijn enigszins uitgebreid. De grootste
verandering betreft de aanleg van spoorlijnen.
Omstreeks 2000
De daarop volgende zeventig jaar zijn de kernen fors gegroeid,
vooral vanaf de jaren vijftig. Daarbij is een nieuwe
ontsluitingsstructuur toegevoegd in de vorm van de diverse
snelwegen. De meeste hoofdwegen van 1850 vervullen nu nog een
belangrijke functie in het gebied.
Deel A › Hoofdstuk 4
Artikel 4.3
Ontwikkeling bebouwing en infrastructuur
Onderdeel van Welstandsnota