• - De raad stelt, ter bescherming van een beschermd gemeentelijk stads- en dorpsgezicht, een bestemmingsplan vast als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening.
  • - Bij het besluit tot aanwijzing van een beschermd stads- of dorpsgezicht wordt door het college bepaald in hoeverre geldende bestemmingsplannen als beschermend plan in de zin van het eerste lid kunnen worden aangemerkt.
  • - Alvorens het college de raad terzake een voorstel doet, wordt de monumentencommissie gehoord.
  • - De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen acht weken na ontvangst van het verzoek van het college.