Overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van
het EVRM kan aanleiding zijn tot matiging van de boete, dan wel in
uitzonderlijke gevallen tot het vervallen van de boete. Bij de
beoordeling van de vraag of de redelijke termijn is overschreden,
moet onder meer worden gelet op de ingewikkeldheid van de zaak, het
processuele gedrag van de belanghebbende en de wijze waarop de
heffingsambtenaar de zaak behandelt.
Hoofdstuk 2 › Afdeling A.
Artikel 11.
Redelijke termijn
Onderdeel van Regeling bestuurlijke boeten 2004.