Indien de heffingsambtenaar jegens de belanghebbende een handeling
heeft verricht waaraan deze in redelijkheid de gevolgtrekking kan
verbinden dat aan hem wegens bepaald gedrag een boete zal worden
opgelegd, is de belanghebbende niet langer verplicht ter zake van
dit gedrag een verklaring af te leggen voor zover het de
boeteoplegging betreft. Het niet verstrekken van de uitsluitend met
het oog op de boeteoplegging gevraagde inlichtingen en gegevens
leidt niet tot omkering van de bewijslast.
Hoofdstuk 2 › Afdeling A.
Artikel 12.
Beperking van de informatieverplichtingen
Onderdeel van Regeling bestuurlijke boeten 2004.