Naar hoofdinhoud
Als een algemene voorziening niet beschikbaar is of geen voldoende oplossing biedt, geldt het primaat van het collectief aanvullend vervoer. Ingevolge dit primaat komt een persoon die ten gevolge van ziekte of gebrek het openbaar vervoer niet kan bereiken of geen gebruik kan maken van het openbaar vervoer en zelf geen andere oplossing voorhanden heeft– indien dit medisch mogelijk is – in aanmerking voor collectief aanvullend vervoer. 26.1.a Bereikbaarheid van het openbaar vervoer Men wordt geacht niet in staat te zijn het openbaar vervoer te kunnen bereiken. 26.1.b Gebruik van het openbaar vervoer Men wordt geacht niet in staat te zijn van het openbaar vervoer gebruik te kunnen maken indien (niet limitatief): (aansluitend aan het bereiken van het openbaar vervoer) de aanvrager niet in staat is te wachten. het niet mogelijk is om op een adequate manier in en uit het openbaar vervoer te kunnen stappen; er sprake is van een ernstige incontinentie waarbij het reguliere incontinentie materiaal niet adequaat is, ondersteund door een medisch advies; er sprake is van een psychische aandoening die uitbehandeld is en/of gedragsstoornissen waarbij men geen gebruik kan maken van het openbaar vervoer, ondersteund door een medisch advies; er vanwege gedragstoornissen bij kinderen ernstige problemen ontstaan bij het gebruik van het openbaar vervoer, ondersteunt door een medisch advies. Een veel voorkomende reden om een aanvraag voor het collectief aanvullend vervoer in te dienen is de angst van ouderen om in de avonduren gebruik te maken van het openbaar vervoer. Dit is geen reden om collectief aanvullend vervoer toe te kennen. Het op een veilige manier bereikbaar maken en gebruiken van het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de openbare orde. Bij het bepalen van de vervoersbehoefte wordt in beginsel uitsluitend rekening gehouden met de verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving. De directe woon- en leefomgeving kan het beste beschreven worden in te bereiken bestemmingen. De gemeente heeft een compensatieplicht voor vervoer binnen de gemeentegrenzen en de regio, hetgeen overeen met ongeveer vijf OV-zones.

Rechtspraak bij dit artikel