Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 16.

Algemene bepalingen ten aanzien van woonvoorzieningen

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Almere

Het college plaatst slechts woonvoorzieningen in een referentiebudget of een persoonsgebonden budget voor zover de ondervonden (ergonomische) beperkingen niet voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen of de inrichting van de woning. Woonvoorzieningen die worden getroffen middels een referentiebudget of een persoonsgebonden budget dienen toereikend te zijn verzekerd. Het college plaatst slechts een woonvoorziening in het referentiebudget indien de persoon met beperkingen zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan of waarin de voorziening wordt getroffen. In afwijking van het gestelde in het derde lid kan een woonvoorziening worden geplaatst in het referentiebudget voor door het college nader te regelen woonvoorzieningen die zijn gericht op het bezoekbaar maken van een woning in Almere, indien de persoon met beperkingen zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling. De aanvraag voor het bezoekbaar maken wordt ingediend in de gemeente waar de aan te passen woning staat. De woonvoorziening betreft slechts het bezoekbaar maken van de in het derde lid bedoelde woonruimte met een door het college nader vast te stellen maximumbedrag. Onder bezoekbaar maken wordt uitsluitend verstaan dat de aanvrager de woning, de woonkamer en een toilet kan bereiken. Bij de toekenning van een woonvoorziening in het referentiebudget of een persoonsgebonden budget kan een eigen bijdrage of een eigen aandeel in de kosten verschuldigd zijn.

Rechtspraak bij dit artikel