Herplant-/instandhoudingsplicht
Indien een houtopstand, waarop het verbod tot vellen of doen vellen
van toepassing is, zonder vergunning van het bevoegd gezag is geveld
dan wel op andere wijze teniet is gegaan, kan het bevoegd gezag aan
de goederenrechtelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de
houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het
treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te
herplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen
een door hen te stellen termijn.
Indien niet ter plaatse kan worden herplant kan er door het bevoegd
gezag een andere locatie voor herplant worden aangewezen.
Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan
kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant
en op welke wijze niet-aangeslagen beplanting moet worden
vervangen.
Indien een houtopstand waarop het verbod tot vellen of doen vellen
als bedoeld in deze verordening van toepassing is in het
voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kan het bevoegd gezag aan de
goederenrechtelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de
houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het
treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om
overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen
te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging
wordt weggenomen.
Het gestelde in het tweede en derde lid is van overeenkomstige
toepassing op de herplantverplichting die kan worden opgelegd op
grond van artikel 9, eerste lid.