Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 18

Vaststelling van de tegemoetkoming

Onderdeel van Verordening kinderopvang Oostzaan 2004

1.. De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode. 2.. Het college kan bepalen dat de aanvraag tot vaststelling van de tegemoetkoming geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 3.. Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na ontvangst van het overzicht van de kosten vast. 4.. Wanneer de ouder niet heeft voldaan aan het bepaalde in het eerste lid, kan het college de tegemoetkoming na verloop van vier weken na afloop van de periode waarvoor de tegemoetkoming is verleend vaststellen. 5.. Wanneer het college het voorschot tussentijds heeft ingetrokken eindigt de periode waarvoor de tegemoetkoming is verleend op de dag van de bekendmaking van het besluit tot intrekking, tenzij het college in zijn besluit tot intrekking anders heeft aangegeven. 6.. Wanneer het college na intrekking van het voorschot aanleiding ziet verlof te vragen als bedoeld in artikel 700, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, kan de vaststelling van de tegemoetkoming zoveel eerder plaatsvinden als nodig is om aan de door de voorzieningenrechter ex artikel 700, derde lid Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering opgelegde voorwaarden te voldoen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel