Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

HET ALGEMEEN BESTUUR

Onderdeel van Statuten R.I.A.G.G.-Zuid

1.. De stichting wordt bestuurd door een algemeen bestuur, bestaande uit tenminste vijf en ten hoogste dertien leden. 2a.. De gemeenteraad van Rotterdam wijst uit zijn midden één bestuurslid aan, op voordracht van het college van Burgemeester en Wethouders, opgesteld na overleg met de voorzitter van het algemeen bestuur. Burgemeester en wethouders wijzen drie bestuursleden aan die geen lid van de gemeenteraad zijn, te weten namens de deelgemeenteraden en/of wijkorganen. 2b.. De besturen van de in het gebied van de RIAGG betrokken randgemeenten wijzen gezamenlijk één bestuurslid aan. 2c.. Het zittende algemeen bestuur wijst, op voordracht van de ondernemingsraad drie bestuursleden aan welke geacht mogen worden deskundig te zijn op het terrein van respectievelijk psychogeriatrie, volwassenenzorg of jeugdzorg. 2d.. Het zittende algemeen bestuur wijst twee bestuursleden aan op voordracht van de Plaatselijke Huisartsenvereniging. 2e.. Het zittende algemeen bestuur wijst twee bestuursleden aan namens patiënten en/of patiëntengroepen. 2f.. De onder 2c, 2d en 2e bedoelde besluiten behoeven de goedkeuring van Burgemeester en Wethouders. 3.. Met inachtneming van het voorgaande stelt het algemeen bestuur zelf het aantal zijner leden vast. 4.. Met inachtneming van het gestelde in artikel 7 kan het algemeen bestuur een regeling treffen waarmee kwaliteitseisen gesteld worden ten aanzien van de door het algemeen bestuur te vervullen bestuurszetels. 5.. Het algemeen bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter benevens een secretaris en een penningmeester.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel