**1..** Het door de gemeenteraad van Rotterdam aangewezen bestuurslid, bedoeld in artikel 5 lid 2 sub a, treedt af op het ogenblik waarop de zitting van de gemeenteraad, tijdens welke hij is benoemd, een einde neemt, tenzij hij door de nieuw optredende gemeenteraad wordt herbenoemd. De door Burgemeester en Wethouders aangewezen bestuursleden, bedoeld in hetzelfde lid, hebben zitting gedurende de periode waarvoor Burgemeester en Wethouders zijn benoemd. De bestuursleden bedoeld in artikel 5 lid 2 sub b en c hebben zitting gedurende vier jaar. Zij zijn na verloop van deze periode éénmaal herbenoembaar.
**2..** De bestuursleden, bedoeld in artikel 5 lid 2 sub b en c treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Een tussentijds benoemd bestuurslid neemt op het rooster van aftreden de plaats in van hem die hij vervangt.
**3..** De bestuursleden, bedoeld in artikel 5 lid 2 sub a en b kunnen te allen tijde worden ontslagen door de instantie die hen heeft aangewezen.
**4..** Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt:
door periodiek aftreden;
door ontslagneming;
door overlijden;
door ontslagverlening door het bestuur, wanneer een onverenigbaarheid, zoals omschreven in artikel 8, optreedt;
door ontslagneming op grond van artikel 298 Boek II van het Burgerlijk wetboek.