Naar hoofdinhoud

Artikel 17.

Schaftgelegenheden voor ambtenaren op weekloon, die in de open lucht moeten arbeiden

Onderdeel van Bijzondere dienstvoorschriften

1.. In de regel worden voor ambtenaren op weekloon, die in de open lucht arbeiden, geen schaftgelegenheden van gemeentewege beschikbaar gesteld: indien minder dan 6 ambtenaren op weekloon op een bepaalde plaats, hetzij in ploegverband, hetzij afzonderlijk, werkzaam zijn; voor werkzaamheden op een bepaalde plaats, die korter duren dan drie achtereenvolgende dagen; indien in de nabijheid van het werkterrein een voldoende, kosteloos toegankelijke schaftgelegenheid aanwezig is; indien het openbaar verkeer door de schaftgelegenheid ernstig zou worden belemmerd. 2.. Indien schaftgelegenheden,als in het vorige lid bedoeld, worden beschikbaar gesteld, gelden daarvoor de volgende regelen: de schaftgelegenheden worden geplaatst nabij het terrein der werkzaamheden en wel zodanig, dat het openbaar verkeer en het uitzicht van aangrenzende huizen niet worden belemmerd; zij worden zo mogelijk verplaatst, wanneer de afstand tot het werkterrein groter wordt dan 200 meter; in elke schaftgelegenheid moeten banken en een of meer tafels aanwezig zijn; de onmiddellijk opzichthoudende op het werk houdt toezicht op de orde en reinheid in de schaftgelegenheden; het schoonhouden geschiedt in de regel door de ambtenaren van de ploeg bij toerbeurt en wel onmiddellijk na beëindiging van een schafttijd; het is de ambtenaren, tenzij met vergunning van de onmiddellijke chef, verboden zich anders dan gedurende de schaft- of rusttijden in de schaftgelegenheden op te houden. Zij zijn gehouden zich gedurende het verblijf in de schaftgelegenheden ordelijk te gedragen en de grootst mogelijke zindelijkheid te betrachten. 3.. Als schaftgelegenheden kunnen mede worden aangewezen verrijdbare keten, die tevens tot berging van gereedschappen dienen. In deze keten bedoelt geen tafel aanwezig te zijn.

Rechtspraak bij dit artikel